De Jongens

“De jongens” zoals Lena ze noemt,  slapen hier elke nacht 11 uur vast en diep.  In de eerste maanden van onze reis, toen de dagen kort en de nachten lang waren, sliepen ze van 20u tot 7.  Nu de dagen plots verassend lang zijn, verdwijnen ze soms tussen 21 en 22 uur in de tent en we moeten opletten of we slapen een stuk in de dag.  De buitenlucht put niet enkel de drie broertjes uit, maar ook hun mama en papa die enkel wakker worden als hun natuurlijke wekker Jerom door de tent begint te huppelen.  Als wij ’s avonds iets later de tent in duiken, liggen ze onder, over, naast en tegen elkaar te slapen.  Ze hebben geen enkele last van de koude en slapen als blokken. We passen op dit moment nog net allemaal in de tent.  Ze groeien als bloemkolen die veel zon en goeie buitenlucht krijgen en hun haren, “Die nu lang genoeg zijn om indianen staarten te maken.”, zijn veranderd in woest struikgewas dat door Lieve duchtig onderhouden wordt. Soms verdwijnen ze samen met hun teamgenoten Marie en Lena op de camping uit het zicht en gaan dan een praatje maken met andere overlanders in een mix van Frans, Engels en Spaans.  Ze slagen er wonderwel in zich verstaanbaar te maken en maken ook al is een koekje buit.  Elke hond die we tegen komen vindt een vriend bij de jongens.  Door de liefde en de tafelresten worden het onze beste waakhonden en blijven ze de hele nacht onder onze ladders liggen. Dit heeft bij Jerom al tot hartverscheurende afscheiden geleid.  De arme vader van de jongens is wel verplicht telkenmale alle spullen veilig in de Land Rover te bergen of de honden markeren alles als hun terrein.  In Bolivia & Chili hebben ze hun hart verloren aan paardrijden (opa!) Volgens de gids hebben ze talent.  Ze hebben genoten boven op de paarden en Josse vond elke snelheid van zijn pony best.  En als het te snel ging deed een krachtige ruk aan de teugels het diertje prompt vertragen.

Elke dag krijgen ze de maaltafels voorgeschoteld en elke dag doen ze er een half minuutje minder lang over!  Les in evenwijdige rechten, driehoeken, diagonaal en verticaal oefenen we bij alle vlaggen die we zien.  Horizontaal wordt in Patagonië aardrijkskundig onderbouwd.  Op de eindeloze pampa kan je 360 graden rondom de horizon zien.  Dat is dus horizontaal… in een cirkel.  Josse weet nu ook alles over de Belgische provincies en verklaart zijn kennis als volgt: “Ik zat af te luisteren in een boom toen Marie les had.” De lessen verlopen relatief vlot. Wanneer Josse het een beetje moeilijk vindt, wandelt hij weg en zegt: “Juf Lieve, ik ben trouwens wel nog maar een kleuter.” Verder haalt hij echter uitstekende punten.  Jerom werkt heel plichtsgetrouw en heeft, op het regelmatig van zijn stoel afvallen na, ook een schitterend rapport gekregen van juf Lieve. Jakob en meester Johan hebben beide afgeleidtisme. Soms wat moeilijk maar beide doen ze geweldig hun best wat al gezorgd heeft voor mooie resultaten.

Nadat we in Sampaipata drie erg fijne Argentijnen ontmoetten, die wondermooie artisania verkochten, roken onze kinderen geld.  Onder leiding van Jakob’s creatieve geest begonnen ze zelf kunstwerkjes te maken.  Marie kocht touw en begon te vlechten en Jakob werkt de juwelen af met schelpen, stukjes panster en tanden van een (dode) kaaiman, slagtanden van een everzwijn etc.  Ze maakten zo een verrassend mooie dingen dat zelfs Lieve mee is beginnen vlechten en knutselen.  Jerom zorgde met een mooi aangeklede tafel voor de verkoop en zo staan ze daar waar de toeristen zijn hun waar te verkopen.  En met succes. Er word zelfs onderhandeld over de prijs op te drijven wegens succes.  Met de eerste winst gaan ze eerst nieuw touw kopen en met de tweede een ijsje.  Het is wonderbaarlijk hoe ze dag in dag uit zich met nieuwe dingen ontzettend amuseren, terwijl we geen stukje speelgoed bij hebben.  Als we vragen of Josse het reizen leuk vindt, antwoordt hij: “Ik wil eerst de wereld zien en dan pas sterven.”  Als we vragen wat hij mist en hoe we dit zouden kunnen oplossen, antwoord hij dat hij een wafelijzer mist en dit met plezier de hele reis op zijn schoot wil nemen.  Jerom filosofeert dan weer: “Het maakt niet uit hoe oud ik wordt, als ik maar een goed leven heb gehad”  Hij is ten slotte al 8 jaar.  Hij mist Lisa, zijn poes.  Ondertussen wil hij graag in de hele wereld walvissen gaan observeren en onderzoeken.  Af en toe wil hij wel naar huis vooral voor de gezellige momenten en soms wil hij liever diepzee archeoloog worden.  Hij wil ook paardenpolo gaan spelen.  Ook hij mist wafels met slagroom en aardbeien.  Alle drie missen ze hun vrienden en willen graag nog eens naar de Dagpauwoog. Voor even met iedereen te spelen en bij te praten. Voor de begeleiders: Ik heb vroeger nooit kunnen vermoeden dat mijn jongens school zouden missen.  Ze hebben al veel inspiratiebronnen ontmoet zoals Che Geuvara en Butch Casidy, veel sagen en legendes gehoord over indianen en gaucho’s maar ze vroegen zich toch af of de Sint hen wel ging vinden…

Als Marie en Jerom naast of over elkaar aan tafel zitten wordt er meer gegibbert en gelachen dan gegeten.  We leerden al snel dat her en der een volwassene tussen de kinderen iets meer rust brengt aan tafel.  Ze eten zeer goed en alles wat de pot schaft en we kregen reeds twee maal complimenten van verbaasde Argentijnen die niet begrijpend keken naar kinderen die groenten aten.  De jongens slapen lang en breken daarna vakkundig de tent en hun vader af.  Zo begint meestal onze dag.  In de auto luisteren we tijdens de soms lange ritten naar de meest wonderlijke luisterverhalen van het geluidshuis of diegene die Joris voor ons opnam: De Hobbit, Brief aan de Koning, Kruistocht in Spijkerbroek,  De Jonkvrouw, De reuze Perzik, en Roald Dahl op zijn best in Daantje, wereldkampioen!  Af en toe wordt er op de ipod gespeeld maar verbazend genoeg zijn deze digitale spellendoosjes vanzelf naar de achtergrond verdwenen de laatste maanden.  Af en toe trekken de jongens is goed aan elkaars haren en raken ze door het dolle heen tot ze elkaar stevig pijn doen en papa en mama er een beetje gek van worden en al snel terug een luister cd opzetten.

Ze zijn allemaal  bruingebrand, staan vol schrammen en scharren, groeien allemaal uit hun broeken en zwijgen geen moment.  Zijn alle vijf verzot op Camembert en ontdekken onvermoeibaar elke plek waar de Land Rovers halt houden.  Met alles wat ze vinden verzinnen ze spelletjes.  Brandweermannen, gaucho’s, archeologen…   Josse zoek ‘ligplekjes’ als hij een beetje moe wordt.  Dan vinden we hem duimend in de auto, op het dak van de auto, of ergens in een hoekje.

 

 

Advertenties

5 reacties

  1. Hellow,

    Alles gaat daar dus ook zijn gangetje 🙂

    We blijven volgen, lezen op een rustig moment de toffe reisverhalen en peinzen dan: dit is toch beter dan les volgen in school!! Dit is volgens mij een veel toffere onderwijsmethode!

    Blijf jullie amuseren en tot de volgende!

    groetjes van ons, en een speciale groet van die andere bloemkool Kasper aan Jakob!

  2. Elly T'Seyen · · Beantwoorden

    hoi allen,
    ik ben hier met een serieus inhaalmaneuver bezig, allemaal zeer boeiend en verslavend om te lezen. Veel plezier nog !
    groetjes Elly en co

  3. Fantastisch! Fantastisch gewoon!

  4. Tom Van de Vel · · Beantwoorden

    Er zijn hier nog kandidaten om overal ter wereld walvissen te gaan spotten!
    Fantastisch wilde ik ook schrijven, maar dat heeft al iemand geschreven.

  5. We missen jullie!! Groetjes De Dagpauwogers…
    ps.: hoe gaat het met jullie?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s