De reparatie.

Jkes / Bolivië / Hugo, onze garagist, begint vrijdag stipt om 8 uur de motor in elkaar te draaien met feilloze precisie.  Ik volg nauwlettend elke stap en geef bij elke lichte grom bouten, onderdelen en sleutels aan.  Na vijf uur non stop geconcentreerd sleutelen zit de motor in elkaar.  Na vijf uur werk drinkt hij 1 glaasje Cola.  Ik krijg er ook een.  Dan begint het gesukkel.  De batterijen van Land Rover zijn na al die tijd plat.  We moeten de motor echter stevig rond laten gaan om het diesel systeem te ontluchten.  Ik krijg Hugo na de middag ook met geen stokken meer in gang.   De batterij moet dan maar een paar uur opladen.  Garages in Bolivië hebben geen deftige oplader en geen deftige geladen batterij.  Er komen wat Bolivianen langs en samen beginnen ze cement af te maken om een peiler van een nieuwe hefbrug te bouwen.  Tegen 7 uur proberen we nogmaals te starten maar de batterij is amper bijgeladen.  Morgenvroeg dan maar.  De volgende ochtend is de batterij echter eveneens amper bijgeladen en na een paar keer rondgaan horen we een stompend geluid in de motor.  Is het lucht?  Of is er weer iets mis.  Ik moet toegeven, de moed zonk me danig in de schoenen.  Ik moest de batterij dan maar laten opladen bij iemand in Tupiza die hierin gespecialiseerd is.  In Bolivië bestaat er voor alles nog een “speciaalzaak”.

Deze man heeft inderdaad een deftige lader maar ik moet tot 14 uur wachten voor ze geladen is.  Weer een halve dag kwijt.  Gelukkig is Hugo weer wakker vandaag.  Hij vat de koe bij de horens, maakt de “centrale werkvloer” vrij van wrakken en oud metaal en de Land Rover wordt nu eindelijk tussen een gigantische berg oud ijzer uitgeduwd. Als ik terug kom van de batterij-lader-man ligt het kleppendeksel en de timing terug uit elkaar.

Alles wordt terug gecontroleerd: de volgorde van de ontploffingen, de tuimelaars, de timing…  Nog voor de batterijen terug zijn draait hij met volle overtuiging alles terug in elkaar.  Ik assisteer opnieuw en om twee uur hangen we de batterij aan de motor.  Met een stevig geladen batterij vliegt de motor bijna onmiddellijk in gang.  Klaar.

Panne in Bolivië in cijfers:

–       3 uur wachten op de sleepdienst,

–       5 uur naar de garage gesleept worden over woeste bergpaden,

–       4 uur alles uit elkaar draaien,

–       40 dagen wachten op reservestukken,

–       10 uur sleutelen om alles terug in elkaar te draaien

–       200 dollar betalen aan de garage.

Ik kan met het meeste leven maar die 40 dagen voor de stukken waren er wel iets teveel aan.  We bekijken het hier een beetje als een vakantie in onze vakantie.  We reisden half Bolivië af met trein en bus en sliepen in de meest uiteenlopende hostelletjes.  We leerden hier vooral uit dat je heel weinig of niets meeneemt van het reizen zelf van punt A naar punt B maar de plaatsen die je aandoet zijn verrassender door de plotse overgang en je ontmoet ook veel meer rondreizende lotgenoten.  Bij de manier waarop wij normaal reizen zijn de doelen vaak ondergeschikt en is het vooral de reis op zich, de weg ernaartoe en de bijhorende ontmoetingen die alles zo bijzonder maken.

We nemen afscheid van alle mensen van La Torre die ons zo goed hielpen, bezoeken onze kokkin Nelva nog met een pak tekeningen van de kinderen en we rijden -voorzichtig- tot Potosi waar we midden in de natuur ons kamp weer bij een kabbelend beekje opslagen en genieten van de indiaan die traditioneel gekleed ’s ochtends tijdens de school onze auto komt bewonderen.  Onder de dikke doeken en traditionele kleren rinkelt plots zijn Samsung en in zijn moedertaal Aymara staat hij zijn vrouw te woord.  Hier begrijpen we geen snars van.  De man spreekt Spaans, Aymara en Quechua en verteld ons over de hacienda, het land waar wij op kamperen en over de schapen, lama’s en de koeien die hier op 4000 meter hun kostwinning zijn.  In het adobe dorpje even verderop woont zijn familie.  Maar als we later door de mijnstreek rond Oruro rijden en een kampeerplek zoeken ontmoeten we ook veel vuile grauwe dorpjes en arme bange mensen.  Het is ons niet duidelijk waarom, maar we vinden nergens rond Oruro de opgewekte gastvrijheid die we op de meeste plaatsen in Bolivië tegen komen.   Of heeft het reizen met trein en bus de afgelopen maand ons toch een opgeruimder en minder juist beeld van de werkelijkheid voorgespiegeld?

Advertenties

2 reacties

  1. Joepie, jullie zijn weer op dreef. Goed zo. Geniet van jullie mobiele huis en voorbijglijdende landschappen! Toi toi toi. Groetjes, Heidi

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s