Van Afrika tot in de Yungas.

Jkes / Bolivië / Mits de stukken ondertussen in Santa Cruz ergens liggen ipv in La Paz en omdat we nog maar eens een weekend verder zijn besluiten we om terug in de bus te stappen.  Nu naar Coroico.  Op 2.30u rijden van La Paz ligt de subtropische vallei genaamd Yungas.  Deze vallei ligt geprangd tussen de Cordillera en het groene tapijt van de jungle.  De oude weg van La Paz naar Coroico staat bekend als de legendarische “most dangerous road in the world” maar onze jonge en vriendelijke chauffeur Oscar neemt voor de zekerheid de nieuwe veiligere asfaltweg.  We dalen 2000m over een luttele 70km.  Coroico is een kleine stad waar bananen en appelsienen op het marktplein groeien. Het is gebouwd op de bergflank en vanuit ons hotelletje hebben we een ongelofelijk zicht over de vallei en op de besneeuwde bergtoppen van de Cordillera Real.  Van hieruit nemen we de dag erna een taxi tot aan een gemeenschap Tocana.  Een kleine groep afstammelingen van zwarte slaven leven hier. Ze komen oorspronkelijk uit Congo en Angola en zijn via Peru en Argentinië naar hier gebracht om in de zilvermijnen van Potosi te werken. Vele konden zich niet aanpassen aan de hoogte en werden verkocht aan lager gelegen gedeelte van Bolivia om te werken op de coca plantages. Ze ontwikkelde een eigen taal die niet kon worden verstaan door de kolonisten of door de indianen.  De slavernij werd officieel verboden in 1850. De slaven die zichzelf konden vrij kopen mochten gaan maar uiteraard konden de meeste slaven dit niet. Ze werden pas vrij na een revolutie in 1952!. Nog lange tijd werden ze niet geteld in de volkstellingen en ze hebben ook nog maar sinds kort stemrecht.  We bezoeken in een tropische hitte de kleine gemeenschap en nadien besluiten we terug te wandelen tot aan de asfalt weg. Ongeveer een 5km.  We worden na 5min vergezeld door een grote vriendelijke hond. Hij loopt netjes naast ons en houd de boel in de gaten.  Op een bepaald moment gaat hij van de gravel weg af en gaat hij vast besloten zitten op een klein pad recht naar beneden. Na een kort overleg en eerder gevoelsmatig besluiten we hem te volgen en verlaten we de weg en duiken we de Yungas in. Het pad is smal en steil maar wel open.  De hond lijkt gelukkig met zijn volgelingen en slentert nu rustig achter ons aan. Na een uurtje komen we weer op de gravel weg vlakbij de brug over de rivier daar waar we hopen in een busje te kunnen stappen. Na een kwartiertje komt er een busje aan met als chauffeur een Cholas, zo noemen ze de zwarte vrouwen hier. Ze vraagt van waar we komen en als we vertellen dat we van Tocana komen is ze zeer verbaast. Ze komt juist van deze weg gereden en heeft ons niet gezien. Als we vertellen dat we onze trouwe gids gevolgd hebben door de Yungas lacht ze een sappige Afrikaanse lach, groet en bedankt de hond, stuurt hem naar huis en begint vrolijk de weg naar Coroico te rijden.

De volgende dag vertrekken we voor een lange, warme wandeling. Doorheen de semi-jungle. We waren er niet echt op voorbereid en de krabvliegjes, muggen en andere stekende beesten vallen ons massaal aan. We stappen langs bananen, koffie, appelsienen en coca plantages. We wanen ons in een Amerikaanse film over de zwarte slavernij. Je kan met een beetje verbeelding de mannen en vrouwen hier zien werken, je hoort nog de oude liederen die de slaven zongen op de veldjes naklinken.  Hun muziek en dans hebben dan ook een zware stempel gedrukt op de Boliviaanse cultuur.  Op het einde van de wandeling worden we beloond met een grote frisse waterval en een ijskoude zwempartij.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s